Petrolo
Tussen Florence, Arezzo en Siena, in een afgelegen hoekje van Toscane waar de meeste wijnliefhebbers nog nooit van hebben gehoord, ligt een landgoed waar in alle rust enkele van de meest besproken wijnen van Italië worden geproduceerd. De appellatie Valdarno di Sopra is nog steeds vrij onbekend, maar sinds de jaren negentig zet wijnhuis Petrolo zich met succes in om deze op de kaart te zetten.
Geschiedenis
Het land rondom Petrolo kent een lange geschiedenis. In 1716 vaardigde Cosimo III de’ Medici een decreet uit waarin Val d’Arno di Sopra, de heuvels langs de rivier de Arno tussen Florence en Arezzo, werd erkend als een van de slechts vier gebieden in Toscane waar de beste wijnen en olijfolie werden geproduceerd. In 1834 koos de agronoom Giorgio Perrin, destijds eigenaar van ‘Petrolo’ en lid van de Accademia dei Gergofili, een perceel uit dat hij ‘Campo Ashutto’ noemde (tegenwoordig bekend als ‘Boggina’) als een locatie van uitzonderlijke kwaliteit voor de teelt van Sangiovese.
De familie Bazzocchi verwierf het landgoed in de jaren 1940, en de historische wijngaard ‘Boggina’, de oudste op het landgoed, werd in 1947 aangeplant door Gastone Bazzocchi. Vervolgens ging het beheer van het landgoed over op de kleinzoon van de familie, Luca Sanjust. Als voormalig kunstenaar werd hij begin jaren tachtig erkend als een van de meest veelbelovende jonge kunstenaars van Italië, waarna hij terugkeerde om de leiding over het familielandgoed op zich te nemen. Het was Luca die ‘Petrolò’ omvormde tot het landgoed dat het vandaag de dag is. Zijn eerste Merlot-wijngaard werd in 1990 aangeplant, en in 1994, na de late oogst van dat jaar, leverde de afzonderlijke vinificatie van de Merlot-druiven een wijn van onverwacht hoge kwaliteit op. Zo ontstond de ‘Galatrona’-wijn.
Wijngaarden
Het landgoed bewerkt 35 hectare binnen de DOC-appellatie ‘Valdarno di Sopra’, grenzend aan de zuidoostelijke rand van de Chianti Classico. De wijngaarden liggen op een hoogte tussen 250 en 500 meter boven zeeniveau, met een aanplantdichtheid van ongeveer 5.500 wijnstokken per hectare, wat zorgt voor een uiterst lage opbrengst, slechts 20–25 hectoliter per hectare, en een totale wijnproductie van ongeveer 650–700 hectoliter per jaar. Het landgoed bestaat uit meer dan een dozijn afzonderlijke percelen, elk met een eigen naam, zowel oude als nieuw aangeplante, verspreid over wijngaarden, olijfgaarden en bossen.
Terroir
De bodems bestaan hier uit een mengsel van mergel, zandsteen en leisteen, typisch voor de Chianti-regio; ze zijn los genoeg om een goede afwatering te garanderen, maar toch rijk aan mineralen. Het hoogteverschil boven zeeniveau, de verschillende liggingen van de afzonderlijke percelen en de dichte omringende bossen dragen allemaal bij aan koelere groeiomstandigheden dan in de meeste delen van Toscane, wat de wijnen frisheid en structuur geeft.
Druivensoorten
Sangiovese en Merlot zijn de twee belangrijkste druivensoorten; Cabernet Sauvignon, Petit Verdot, Trebbiano Toscano en Malvasia worden ook in kleinere hoeveelheden op verschillende percelen verbouwd. Er worden nog steeds nieuwe wijnstokken aangeplant, onder meer op een proefperceel met Sangiovese dat in samenwerking met de Universiteit van Milaan is aangelegd.
Wijnbereiding
De teelt vindt plaats volgens de principes van de biologische landbouw: zonder irrigatie, zonder ploegen en met een natuurlijke grasbedekking over het gehele landgoed. De opbrengsten worden bewust laag gehouden. In de wijnkelder experimenteert Petrolo met verschillende rijpingsvaten: Franse eikenhouten vaten voor ‘Galatron’, grote traditionele botti voor ‘Torrione’ en, het meest opvallend, terracotta-amforen voor ‘Boggina A’, een bewuste knipoog naar de Etruskische wortels van de wijnbouw in deze vallei, waar op het landgoed Etruskische artefacten zijn ontdekt.
Wijnen
De topwijn van het landgoed is ‘Galatrona’, een 100% Merlot afkomstig van een wijngaard die in 1990 is aangeplant en die vaak wordt vergeleken met de grote Merlots van Pomerol. ‘Torrione’ is een blend op basis van Sangiovese die de maatstaf is geworden voor deze appellatie.
Dan is er nog de ‘Campo Lusso’, voor het eerst uitgebracht in 2004 en gemaakt van 100% Cabernet Sauvignon die 20 maanden heeft gerijpt in nieuwe Franse eikenhouten vaten. De productie is zeer beperkt tot minder dan duizend flessen.
‘Bòggina’ is een wijn die in drie verschillende varianten verkrijgbaar is, waaronder een witte wijn.
‘Bòggina A’ is een wijn die voor het eerst in 2011 op de markt kwam, gemaakt van 100% Sangiovese en gevinifieerd in grote ‘terracotta-amforen’. Er worden jaarlijks slechts 1500 flessen geproduceerd.
“Bòggina B” (vanaf 2014) is een witte wijn die uitsluitend wordt gemaakt van Trebbiano-druiven en gerijpt in Franse barriques. Jaarlijks worden er slechts 600 flessen (en magnums) geproduceerd.
“Bòggina C” wordt gemaakt van 100% Sangiovese-druiven en rijpt 16 tot 18 maanden in Franse eikenhouten vaten. Het eerste productiejaar was 2006, hoewel de wijnstokken al in 1947 waren aangeplant. Jaarlijks worden er 10.000 flessen geproduceerd.
“Bòggina”, “Campo Lusso” en “Galatrona” zijn de echte “Grands Crus” van Petrolo. De “Sanpetrolo”-wijn is de zeldzaamste wijn die op het landgoed wordt geproduceerd. Een soort „Vin Santo“ of „Passito“, die tot 9 jaar rijpt in kleine eikenhouten vaten. Er worden slechts 600 halve flessen gemaakt van 50% witte Malvasia en 50% Trebbiano.
Regio’s
Andere wijnhuizen